woensdag 7 oktober 2009

Lekenrechtspraak voor dummies; waarom we het in Nederland nog niet hebben

Het al dan niet invoeren van lekenrechtspraak in het Nederlandse rechtssysteem hield de Tweede Kamer in 2005 een tijdje in zijn greep, met name na Kamervragen van Joost Eerdmans. Een Kamermeerderheid pleitte er zelfs voor om burgers te laten meebeslissen in grote strafzaken. Tot definitieve invoering zou het echter nooit komen, waarna het debat omtrent lekenrechtspraak enigszins bekoeld raakte.

Het fenomeen ‘lekenrechter’ is in veel andere Europese landen een vaak gebruikt begrip. Sterker: Nederland kent als een van de weinige landen in Europa geen enkele vorm van lekenrechtspraak. We kennen wel de gespecialiseerde adviseurs van de rechter zoals bijvoorbeeld de psychologen en psychiaters in de penitentiaire kamer in het Gerechtshof in Arnhem, maar deze specialisten hebben slechts een adviserende rol, en zijn verder niet bepalend in het strafrechtelijke oordeel.

Conclusie
Er lijkt in Nederland een afkeer te bestaan van het invoeren van lekenrechtspraak, terwijl het vertrouwen in het Nederlandse rechtssysteem met 58% ook niet bepaald hoog genoemd mag worden. In andere landen is het systeem van lekenrechtspraak wel gangbaar. Het Duitse systeem, waarbij de lekenkamer de beroepsrechter adviseert, lijkt het dichtste in de buurt te komen van ons huidige Nederlandse stelsel. Het hebben van lekenrechtspraak betekent zeker niet dat er zwaarder gestraft zou worden of dat er meer gerechtelijke dwalingen zouden komen.

Waarom hebben we het in Nederland dan nog niet? Er lijkt geen directe noodzaak te zijn voor het invoeren van een systeem waarbij leken de beroepsrechter adviseren. Joost Eerdmans schetste in 2005 terecht het probleem dat er sprake is van onvoldoende vertrouwen van de bevolking in het rechtssysteem. Recente cijfers tonen dat ook aan. Feit is echter wel dat niet vaststaat of het hebben van lekenrechtspraak ook betekent dat het vertrouwen onder de burgers toeneemt.
Het is daarnaast de vraag of burgers warmlopen voor het deelnemen aan lekenrechtspraak. Als je burgers verplicht om deel te nemen, werk je ongemotiveerde jury’s in de hand. Daartegenover staat dat als je mensen vrijwillig mee laat doen, je een vrij homogene groep van lekenrechters krijgt, wat mogelijk tot subjectiviteit in de oordelen kan leiden.

Het blijft belangrijk om de discussie rond lekenrechtspraak warm te houden en het Nederlandse strafrechtssysteem kritisch te volgen, om zo de kwaliteit van het systeem te behouden of zelfs te vergroten, maar ook om het transparanter te maken voor de burgers. Dit kan ook een positieve impuls geven aan het vertrouwen onder de bevolking. Ik zie hier voor mezelf als aanstaand journalist een belangrijke taak weggelegd.

Wat vinden jullie? Lekenrechtspraak invoeren of niet?
Of heb je een ander oordeel? Laat het weten!


0 reacties:

Een reactie posten